nwoj0017

NWOJ0017_cover_square_1000px

TONUS : CAGEAN MORPHOLOGY
cd

Dirk Serries : acoustic guitar
Martina Verhoeven : piano

Performed, recorded, mixed and mastered at the Sunny Side Inc. Studio, Anderlecht
(Belgium) on March 10th 2018.  Sleeve notes : Guy Peters.  Layout : Rutger Zuydervelt

“Now that the hot days are finally (!) behind us, or so it seems, it is time to switch off that ventilator and put on some quiet music that otherwise may have been lost and luckily there is a lot of quiet music to be heard. Dirk Serries, whom you might know as Vidna Obmana, Fears Falls Burning and Microphonics, has embraced improvisation music and with the same force he did his older works he is now in full swing playing that. His new ensemble is called Tonus, and it is a rotating group of people, including Serries on acoustic guitar, his wife Martine Verhoeven on piano and a changing cast of other players. I started with the disc with them as a duo, ‘Cagean Morphology’,
recorded in March 2018 and it is a single, thirty-four minute semi-improvisation (which I assume implies some level of planning), which I guess is inspired by John Cage and his notion ‘silence is music as well’; or ‘silence doesn’t exist’. Somewhere in time everybody seemed to believe that all music by Cage should be silent, so also all that he inspired. I beg to differ, which is of course a whole different discussion. Serries and Verhoeven play a very silent piece; a tone here, a strum there, maybe even two notes, but it is always followed by a bit of silence. Rather than thinking of Cage here, which, had it not been mentioned in the title, wouldn’t have occurred to me, I was thinking of Wandelweiser composers, without any one in particular, with the exception of Taku Sugimoto. Serries delicate work on the guitar and the level of concentration reminded me ofTaku’s work in that direction. The recording is beautiful; spacious and quite detailed and this is
an utterly refined work.” Vital Weekly – The Netherlands

“Na de vele verschillende projecten waarbij in de beginne uitgesponnen ambient (Vidna Obmana), later doom drones (Fear Falls Burning), weer wat later ambient drones (Microphonics / Dirk Serries) en uiteindelijk improv (waarin ook veelal, maar niet alleen langgerekte gitaren te horen waren) keert Dirk Serriesmet zijn ensemble/collectief Tonus weer een nieuwe richting in.

Op “Cagean Morphology” (een van de drie nieuwe releases, een andere keer meer over de twee andere) werkt hij samen met pianiste (en partner) Martina Verhoeven.
Na de eerdere, zeer geslaagde samenwerking “Innoncent As Virgin Wood” waar ik moest denken aan Keith Rowe en John Tilbury, nemen ze samen nu nog een stap verder richting het verstilde.  Eigenlijk zoals de naam al doet vermoeden doet het wel denken aan John Cagedit maal, maar ook Morton Feldman lijkt niet ver weg.

De akoestische gitaar en piano wisselen elkaar af door steeds een enkele noot te spelen waartussen steeds zeer veel ruimte voor stilte is. Stilte waarin je het voorgaande spel op je in kunt laten gaan, of ook (zoals Cage zou willen) kunt luisteren naar je omgeving.
Of het improvisatie is zoals eerder werk op A New Wave Of Jazz, of een uitgeschreven compositie is moeilijk te zeggen, maar er lijken patronen in het spel te zitten, wat vooral bij de piano van Verhoeven meer naar voren komt.

Een album voor bezinning en rust, en net zoals het werk van Cage en Feldman zeer aangenaam om naar te beluisteren. En een van mijn favorieten in de A New Wave Of Jazz serie.” De Subjectivisten – The Netherlands

“A New Wave Of Jazz is readying a package of three Tonus albums for release next month. A double-live album called Intermediate Obscurities I-IV and two studio-recorded discs: Texture Point and Cagean Morphology.

Tonus is a rotating ensemble built primarily around the dual-axis of Martina Verhoeven and Dirk Serries.

“Tonus as an ensemble grew out of my Jazzcase residency in 2017,” wrote Serries in an email. “I brought together a sextet to work around a slow piano motif by Martina Verhoeven. The literal translation of Tonus is muscle strength, but in this context defines a musical system that places equal importance on the space between notes. Both definitions apply here as the music is an exercise in discipline and anticipation while controlling the clarity, sustain and effect of each single note played.”

The work is sparse and dramatic. Frequent, sometimes extended periods of quiet (if not outright silence) enhance the impact of each performance. What we get, in fact, is a series of precise, short performances that make up each lengthy piece. (The seven new works sport runtimes between 9:06 and 57:59.)

That is not to suggest that each is a series of solos. There is real interplay at work here. But by slowing it all down, Tonus luxuriates over every single idea.

Intermediate Obscurities I-IV is a double-live album recorded at Jazzcase in Belgium and Hundred Years Gallery in London. The first performance features Verhoeven on piano, Serries on acoustic guitar, Colin Webster on alto saxophone, Nils Vermeulen on double bass, George Hadow on drums and Jan Daelman on flute. The second has Otto Willberg on double bass, Tom Ward on bass clarinet, Benedict Taylor on viola, Cath Roberts on baritone saxophone, Webster on alto saxophone and Serries on acoustic guitar.

Benedict Taylor performs viola with Verhoeven and Serries on Texture Point. Cagean Morphology features Verhoeven and Serries as a duo.” Badd Press – Canada

“Wanneer we op zoek gaan naar iets dat de vroegste noise (en latere ambient) van vidnaObmana verbindt met de gitaarexperimenten van Fear Falls Burning of Microphonics en de huidige passie voor improvisatie (YODOK III), komen we uit bij de atmosferische invalshoek en de onstuitbare drang naar volmaakt minimalisme.  Met zijn jongste incarnatie, TONUS, lijkt Dirk Serries deze passie tot het uiterste te drijven.  Wie zich aan luide kakofonische toestanden verwacht, wanneer men een improviserend freejazzsextet probeert voor te stellen, komt op de dubbele live-cd ‘Intermediate Obscurities I+IV’ zwaar bedrogen uit.  Eerder het omgekeerde is waar : elke instrument waaiert zacht uit in een drones en galm, en de sfeer is dermate sereen dat je de indruk krijgt dat de zes muzikanten bijna angst hebben om eens welk geluid te produceren.  Saxofoon, bas, akoestische gitaar of klarinet, het speelt geen rol: elke klankje draagt subtiel bij tot een kortstondig dronescape, en dat geen van de deelnemers bang is van stiltemomenten, had intussen je zelf al geraden.  Zeer geschikt in een rituele context (denk : tempelmuziek), en wat ons betreft ook aangenaam tijdens het lezen.  Op ‘Texture Point’ wordt het deelnemersveld gehalveerd, en de stilte verdubbeld.  Het is vooral de dreigende pianoaanslag van Martina Verhoeven die ons bij de les houdt, terwijl Serries (gitaren) en de altviool van Benedict Taylor (London Improvisers Orchestra) eerder zacht schrapen dan slaan.  In tegenstelling tot het sextet, levert dit trio moeilijke muziek voor moeilijke mensen af, die weinig andere nevenactiviteit verdraagt.  Luisteren in opperste concentratie, tot een pianoklank je een meter hoog doet opveren, is hier de boodschap.  Tot slot blijft voor ‘Cagean Morphology’ enkel het koppel Serries-Verhoeven over op respectievelijk akoestische gitaar en piano.  We zouden kunnen schrijven dat het tweetal de instrumenten gebruikt om met elkaar in dialoog te gaan, maar dan moeten we vaststellen dat ze elkaar vierendertig minuten lang bitter weinig te vertellen hebben.  En wat er te horen valt, is bijzonder kort en soms van een zachtheid die met de gehoorgrens flirt.  Eerder lijkt dit op een psychologisch spel met de luisteraar : komt er nog klank of niet ?
Hoewel er vanuit andere bronnen vertrokken wordt, denken we onder andere aan het werk van Bernhard Günter.  Natuurlijk zijn we evenmin blind voor de verwijzing naar John Cage, maar als we het principe van 4’33” toepassen, wordt de compositie van Verhoeven en Serries tijdens onze sessies vervolledigd met de bosmaaier en de elektrische hegschaar van de buren.  Industrieel geschoold of niet: we kiezen dus voor gesloten ogen en een koptelefoon.  Eerlijk gezegd hadden we nog op een vierde cd gerekend, waarop Serries in zijn eentje stilte produceert om het concept te vervolmaken (bijvoorbeeld door het onaangeroerd laten van een piano) maar naar het schijnt is dit al eerder voorgedaan in een live setting (de componist is ontschiet ons even).  Deze cd’s zijn gelimiteerd op driehonderd exemplaren en huizen in een passend sober hoesontwerp van Rutger Zuydervelt.”  Gonzo Circus – Belgium